Bregt Roobroeck, Urban Forestry Lab (Hogeschool VIVES)
Stadsbomen zijn essentieel voor een gezonde leefomgeving. Maar door slechte groeiplaatsen en slecht beheer halen ze vaak hun volledige potentieel niet. Hierdoor worden bomen niet oud en dat is net het streefdoel. Slim onderbouwd boombeheer bij steden en gemeenten is dus nodig. Onderbouwing en optimalisatie vraagt data. Aan de hand van twee cases zullen we tonen wat dit juist inhoudt.
Wat is het probleem met stadsbomen?
Bomen in de stad vormen het hoofdaandeel van de groene structuur. Het netwerk van bomen resulteert in het stadsbos en fungeert als een ecosysteem met diensten zoals koeling, waterbuffering of verbeteren van sociale cohesie. Het zijn vooral de boomkronen die het meeste van die diensten leveren. Hoe groter de boom, hoe groter de verkoeling en sponswerking. Maar stadsbomen worden niet oud genoeg, omdat de stedelijke dynamiek van bouwen, renoveren en uitbreiden van het ruimtebeslag haaks staat op wat een stadsboom nodig heeft, namelijk een niet-veranderende groeiplaats. Hierdoor worden bomen niet oud genoeg en presteren ze niet optimaal, omdat ze onder stress staan – veelal door te kleine groeiplaatsen en te weinig bescherming. Ontwerp- en beleidsfouten dus. De maatschappij ziet soms ook het nut van het stadsbos te weinig in. Een 15-jarige analyse in de binnenstad van Roeselare visualiseert mooi deze problematiek.
Wat willen Europa en de Vlaamse overheid?
Europa lanceerde in 2020 de Green Deal, een ambitieus plan om tegen 2050 klimaatneutraal te worden. Het is een set van beleidsstrategieën – zoals de biodiversiteitstrategie 2030 die ambieert om de Europese natuur te herstellen en te beschermen. Dit jaar volgde daaruit de natuurherstelwet die o.a. eist dat tegen 2030 de natuur in de stad niet meer afneemt en daarna toeneemt. Zo moet tegen 2050 10 procent van de hele oppervlakte van steden overdekt zijn door bomen. Professor Cécil Konijnendijk, die in 2020 ook de 3-30-300 regel lanceerde, spreekt wel over een kroonbedekking van 30%. Dit is dus drie maal zoveel. De Vlaamse overheid wil via het klimaatadaptatieplan 2030 steden en gemeenten begeleiden om hen klimaatrobuust te maken. Dit gebeurt via het concept van groenblauwe steden, waarbij natuur en water ons helpt om maatregelen te nemen tegen extreme neerslag, droogte en hitte. Een concrete tool is bv. het klimaatportaal van de Vlaamse Milieumaatschappij.
Onderbouwd boombeleid: 3-30-300-regel in Kortrijk
Allemaal goed en wel…maar klimaatrobuustheid op gemeentelijk of stadsniveau moet gebaseerd zijn op een onderbouwd en haalbaar lokaal beleid. Zo is de implementatie van de 3-30-300 wetenschappelijk onderbouwd (zie www.330300rule.com voor die onderbouwing). Het masterplan bomen, ontwikkeld voor de stad Kortrijk door het Urban Forestry Lab (UFL) van VIVES hogeschool, vertaalt die regel naar een praktisch beleid en beheer voor drie legislaturen. De kern van dit plan is om bomen niet meer te zien als puntjes voor assetmanagement, maar als vlakken waarbij de vlakken de actuele grootte zijn van de boomkronen. Door de boomkronen te digitaliseren in een geografisch informatiesysteem (GIS) kunnen we beginnen rekenen en analyseren met de boomkronenlaag. Zo kon het UFL de 3-30-300-regel voor elk huis en elke buurt in Kortrijk analyseren.
Op deze manier was duidelijk welke zones bomenarm waren en welke bomen de grootste impact hebben. Dit klinkt logisch, maar het innovatieve zit in de visualisatie ervan op een kaart. Door verschillende scenario’s hierop los te laten – zoals bebossingsacties – kan de stad zien wat de impact is van hun acties en waar ze die het best prioritair uitvoeren.
Deze methodiek helpt de stad om zich enerzijds voor te bereiden op de klimaatsverandering, maar ook om de natuurherstelwet te implementeren in dagdagelijks bestuur. Onderbouwd en haalbaar, dus.

Onderbouwd boombeheer: Internet of Trees
De verdroging van het Vlaamse landschap door drainage, verharde bodems en verstedelijking, gecombineerd met de klimaatsverandering, maakt Vlaanderen erg kwetsbaar voor waterstress. Zorgvuldig omgaan met water zou de norm moeten zijn. Het afwegingskader prioritair watergebruik en vernieuwde hemelwaterdecreet (Blue Deal) toont dat de Vlaamse overheid zich engageert om die kwetsbaarheid te verminderen. Toch zien boomspecialisten dat er nog een lange weg af te leggen is rond bomen en water. Zo worden bij het bemalen van een bouwzone de nabijgelegen bomen niet altijd beschermd door hun groeizone te monitoren met bodemvochtsensoren. Bij bemaling verlaagt de watertafel waardoor droogtestress ontstaat bij de boom. Door die monitoring van het bodemvocht kan via retourbemaling de juiste watergift al dan niet automatisch gegeven worden. Meten is weten.
Ook bij pas aangeplante bomen gaan veel bomen dood door een tekort aan water. Watergift is in steden een complex gebeuren, omdat verschillende partijen betrokken zijn bij het waterbeheer. Een voorbeeld in Brugge illustreert dit: jaarlijks laten de boombeheerders van de stad 2400 bomen planten. Hierbij moet de locatie en datum van aanplant in hun beheersoftware komen. Dit systeem moet op haar beurt communiceren met het systeem van een externe firma verantwoordelijk voor de watergift. Dit gebeurt manueel. Ook het weer kan de planning nog verstoren, waarmee duidelijk is dat water geven op groot schaalniveau ingewikkeld is.
Op deze manier gaat veel tijd en water verloren. Optimalisatie door monitoring van bomen op grote schaal is dus aangewezen. Steden zoals Den Haag en Barcelona geven al water op grote schaal op basis van een dashboard, waarbij ze de honderden bodemvochtsensoren kunnen zien.
IoTrees-dashboard en multisensorenplatform
Vanuit de problematiek van bemaling rond bomen en watergift op grote schaal ontwikkelt het UFL een Internet of Trees-platform (IoTrees). Het IoTrees-platform is een modulair platform dat het stedelijke bos slim maakt. Het is een typisch IoT-systeem met sensoren en dashboards. Modulair betekent dat het kan toegepast worden op verschillende schaalniveaus, van een kleine projectsite tot een volledige stad. Het is uniek, omdat het generiek is. We kunnen immers meerdere sensoren van andere bedrijven op ons systeem laten draaien. Zo installeerden we voor onze proof-of-concept van bemaling een sapflowsensor en twee verschillende bodemvochtsensoren naast onze eigen gemaakte bodemvochtsensoren. We laten die samenkomen in een dashboard, waardoor de gebruiker niet gebonden is aan een bedrijf met (hoge) abonnementskosten. Het dashboard is opgesteld in de Microsoft omgeving (PowerBi), omdat quasi elke organisatie een Microsoft-account heeft.
Meer info
Meer uitleg over het Kortrijkse masterplan bomen en methodiek via https://arcg.is/1zyfj90.
Meer uitleg over de analyse in de binnenstad van Roeselare via https://arcg.is/1XvDLj3.
KADERSTUK
Digitalisatie (GIS-implementatie), goedkopere technologie (IoTsystemen) en beleidsvorming (natuurherstelwet) vormen een driver, waarbij datadriven boombeheer en -beleid zorgen voor meer onderbouwing van beslissingen. Wat dan weer ten goede komt van de steeds mondiger wordende burger. Uiteraard moet die digitalisatie een meerwaarde bieden en implementeerbaar zijn in dagdagelijkse workflows van overheden en bedrijven. De case van de 3-30-300-regel en de IoTrees- case zijn twee voorbeelden die illustreren hoe steden en gemeenten digitalisering omarmen.












Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.