Vormgeven aan de toekomst: Stefaan Vandist over provotyping, verwondering en langetermijnvisie

Vormgeven aan de toekomst: Stefaan Vandist over provotyping, verwondering en langetermijnvisie

Maxine Ketele, Infopunt Publieke Ruimte.

Stefaan Vandist is voortrekker van toekomstgerichte en duurzame oplossingen voor de publieke ruimte. Als keynote spreker op het congres Publieke Ruimte op 24 april deelt Stefaan zijn inspirerende reis en bespreekt hij zijn inspanningen om de publieke ruimte futureproof te maken.

We hebben het met hem in dit interview alvast over zijn visie…en over provotyping.

Wat is uw achtergrond en vanwaar uw interesse in duurzame publieke ruimte?  

De eerste tien jaar van mijn professionele leven werkte ik als strategic planner in de reclamesector, bij het bureau Duval Guillaume. Als strategic planner bepaalde ik de strategie van een merk, nog lang voor er reclamecampagnes bedacht worden. Ik bracht veel tijd door met klanten om een echte merkpersoonlijkheid te bedenken en een communicatiestrategie te bepalen. We konden uren discussiëren over of we de goedkoopste wilden zijn of dat al de rest veel te duur is. Dat lijkt hetzelfde, maar vanuit een creatief perspectief is dat een heel groot verschil. Ik hield veel van de psychologische inzichten rond consumentengedrag, de strategische pistes die er bestaan, de opbouw van een strategie en generatie van creatieve ideeën… . Maar ik was geen grote liefhebber van ons eindproduct, de reclame zelf.  Gaandeweg vond ik mijn weg richting duurzaamheidsvraagstukken en innovatie-opgaven. Dat boeide me meer dan reclame voor vakantieparken of pakketten met belminuten. 

Vandaag word ik ingehuurd om organisaties te helpen om vanuit een creatief perspectief naar de toekomst te kijken.

Portretfoto van Stefaan Vandist

Provotyping is een methode om gemeenten en organisaties te helpen hun eigen toekomstverhaal vorm te geven. Kan je al een tipje van de sluier oplichten over provotyping? Hoe speelt het een rol in het creëren van duurzame publieke ruimtes? 

Provotyping staat voor provocatief prototypen. Het is een methodiek waarbij je een visie op de toekomst ontwikkelt en die visie daarna ook zo gauw mogelijk zichtbaar en tastbaar maakt. Zo kan je mensen laten zien of ervaren welke alternatieven mogelijk zijn en kunnen zij er ook op reageren. Speculatief ontwerp, zoals gekend in de literatuur van toekomstverkenning en design thinking, is hiermee nauw verwant.  

Ik kreeg mijn aha-erlebnis in Londen, in 2017. Nadat de Londense burgemeester Sadiq Khan in 2016 een bulkverpakking  aan maatregelen had genomen tegen luchtvervuiling – van lage emissiezones tot maatregelen ter promotie van fietsverkeer en multimodaal transport – wou hij een met autovrije winkelstraten een aantrekkelijk vooruitzicht creëren. Bird Street, een zijstraat van Oxford Street, werd een belevingszone van de Smart Street: een winkelwandelpromenade met kunst, groen en luchtzuiverende technologie verwerkt in straatmeubilair. Stapstenen leverden kinetische energie op. Het was een van de vroegste voorbeelden van provotyping in de publieke ruimte waar ik een bezoek aan bracht en ik begreep meteen de kracht ervan. Je vertaalt een toekomstbeeld in een beleving. Mensen ervaren in het hier en nu wat mogelijks voor ons ligt en geven er ook een authentieke reactie op. Het is dus toekomstverkenning, protoyping, PR en participatie tegelijk. De Smart Street droeg de visie voor de winkelstraat van de toekomst uit van handelsvereniging New West End Company, samen met een brede coalitie handelaren, stedenbouwkundigen en techbedrijven.

Wat betekent verwondering voor jou in de context publieke ruimte?   

Wanneer het over de toekomst gaat – of het nu in de media, aan de keukentafel thuis of aan de koffiemachine op het werk is – merk je vaak dat het overtrokken is van angstgevoelens, onzekerheid en twijfel. Dat is begrijpelijk, gezien de enorme opgaven die er zijn: klimaatadaptatie, klimaatmitigatie, de modal shift in mobiliteit of de circulaire stad. Maar het zijn ook gevoelens die een verlammende werking hebben op de geest en niet aanzetten tot actie. Daartegenover staat verwondering, een krachtige emotie, maar moeilijk te doorgronden. Kriebels in je buik zijn bijna niet te meten. In hun boek Awe, the new science of Everyday Wonder and How It Can Transform Your Life (2013) onderzoeken Dr. Dacher Kelter en professor Yang Bai waar de sensatie van verwondering vandaan komt en hoe je ermee aan de slag kunt.  Mensen in staat van verwondering brengen, heeft een aantal bijzonder interessante effecten:

  • Wanneer we in verwondering zijn, omarmen we het onbekende en staan we veel meer open voor nieuwe ideeën.
  • Verwondering zorgt voor meer verbinding met de buitenwereld en empathie met de mensen en de wereld om ons heen. Onze ‘circle of care’ wordt groter.
  • In staat van verwondering ga je veel minder jezelf als uitgangspunt nemen. Je ego en je interne criticaster worden het zwijgen opgelegd. Je betreedt een oceaan van wij.
  • Verwondering is goed voor je emotionele flexibiliteit, veerkracht en dus mentale gezondheid.

75% van de mensen geeft aan behoefte te hebben aan meer momenten van verwondering en ontzag, en geven aan te verlangen naar vreugde, plezier, een vleugje mysterie en de deugd van kippenvelmomenten. In onzekere tijden is het verlangen naar intense sensaties groot. Ondanks dat marketingsymposia al meer dan twintig jaar orakelen over customer experience, geeft 70% van de mensen aan dat ze zich geen opwindende initiatieven van bedrijven of merken kunnen herinneren. 

Het is een creatieve uitdaging om ook in de publieke ruimte met verwondering aan de slag te gaan. En toch zijn er mooie precedenten die laten zien dat dat mogelijk is.

Superkilen Park in NØrrebro, de meest diverse wijk in Kopenhagen, is ontworpen om culturele verschillen vrolijk te laten schuren en zo hun rijkdom te laten openbaren. Het Deense architectenbureau BIG brengt op het plein nieuwkomers en lokale bevolking samen met een mix van straatmeubilair uit verschillende culturen, waaronder Finse fietsenstallingen, Belgische zitbanken, een Marokkaanse waterpartij, Irakese schommels en wel zestig artefacten uit diverse culturen. BIG werkte daarvoor samen met de omwonenden. 
Superkilen Park is een levendige plek met een wekelijkse markt. Tijdens de zomer vieren mensen het leven met bordspelen en een sport- en ontspanningszone onder Japanse kersen- en Libanese cederbomen. Het is een plein én tegelijk ook een spiegel, die ons confronteert met hoe we anders met diversiteit kunnen omgaan. Het plein is een soort openlucht stadshuiskamer voor de stad geworden.

Je hebt samengewerkt met verschillende organisaties, waaronder Stad Antwerpen. Is er een project waar je trots op bent en dat aantoont hoe creatieve oplossingen bijdragen aan duurzame stedelijke ontwikkeling?  

Ik schrik ervan hoe lang het geleden is, maar in 2018 heb ik samen met de toekomstverkennende ontwerpstudio Pantopicon een Design Sprint gemodereerd voor Stad Antwerpen rond het concept van tuinstraten. Zes zeer verschillende straten in de Antwerpse districten werden geselecteerd om te onderzoeken hoe een natuurinclusieve make-over de levenskwaliteit in die straat zou vergroten. Een Design Sprint is een vijf dagen durende, intensieve reeks creatieve oefeningen om een concept strategisch te onderzoeken, creatief te ontwikkelen, een prototype en verhaal te genereren, maar ook te testen op echte mensen: in dit geval de bewoners zelf. Tijdens die week onderzochten we het hele spectrum van nature-based solutions op straatniveau. Een tuinstraat moet immers meer zijn dan een straat met enkel cosmetisch groen. Hoe kan zo’n straat ook spelenderwijs mensen meer buiten brengen en de sociale cohesie versterken? Hoe kunnen creatieve ingrepen mensen laten zien dat publieke ruimte een interessantere invulling kan hebben dan parkeerruimte? En hoe maken we straten klaar voor de klimaatverandering die volop aan de gang is? Hoe speelt groeninfrastructuur daar een belangrijkere rol in?

Daarna hebben we gelijkaardige oefeningen gedaan, onder andere rond de rol van groeninfrastructuur in het kader van het nieuwe Masterplan Linkeroever. Maar in retrospect zie ik nu in dat het concept tuinstraten een bijzonder relevante oefening was.

Om je toekomstvisie bij mensen te laten doordringen, vertalen we het naar een zichtbare en tastbare provocerend prototype. We doen het bestaande zachtjes geweld aan en houden het de spiegel voor van iets nieuws.

Op welke manier is storytelling een succesvolle benadering om het bewustzijn rond het belang van te voet gaan te vergroten?  

Alles is een verhaal…en de invulling van onze steden is al voorbij het kantelpunt naar een nieuw verhaal. Het Marshallplan van begin jaren ‘50 heeft als een Trojaans paard het wereldbeeld van het Amerikaanse IRF (International Road Federation) naar Europa gebracht. Een nieuwe beroepsgroep van verkeersdeskundigen keek naar steden en gemeenten vanuit een nieuwe, aangeleerde autologica. De publieke ruimte transformeerde op enkele decennia tijd tot verkeersinrichting ten dienste van koning Auto. We zien gelukkig nieuwe narratieven opduiken, zoals bijvoorbeeld dat van chrono-urbanisatie: de mens staat terug centraal in de stad. Het icoonvoorbeeld daarbij is La Ville du Quard ‘d heure, waarmee Anne Hidalgo tijdens de verkiezingsstrijd als burgemeester van Parijs een tweede ambtstermijn won. In die visie is de stad de optelsom van buurten waar de natuur terug welkom is, waar autoverkeer omheen geleid is en er de gezelligheid van een dorp heerst. Dit bereik je doordat alle functies – van winkelen tot naar school gaan, kantoor of sport – op 15 minuten wandelen verwijderd zijn.  

Gelukkig zie je het verhaal en de invulling van een smart city ook kantelen. Waar een slimme stad vroeger betekende dat je stad volgepropt wordt met technologie – zoals iOT en big data – en dus zo processen zou aansturen, betekent het steeds meer de stad met een hoge bewandelbaarheid.

Verhalen zijn de mentale post-its waarmee je ideeën, idealen en overtuigingen in mensen hun hoofd plakt. We creëren verhalen en daarna creëren de verhalen ons. Dat maakt storytelling zo’n krachtig en belangrijk instrument. De wereld snakt naar een nieuw verhaal om in te geloven. Het goeie nieuws is dat ieder van ons met het beste van zichzelf hieraan iets kan bijdragen. Het nieuwe groot bestaat meer dan ooit uit de optelsom en verbinding tussen heel veel klein.

Op welke manier kunnen duurzame concepten doeltreffend worden toegepast en een gunstige invloed uitoefenen op het alledaagse leven van voetgangers in stedelijke gebieden? 

Ik heb daarover een duidelijke opvatting. Door er niet alleen over te communiceren en er ellenlange processen van participatie rond te organiseren, maar ook door met zachtheid mensen te doen ervaren hoe het anders kan. 

In 2023 onderging Amsterdam een intrigerende ontwerpinterventie. Zes weken lang maakte de gemeente een cruciale toegangsweg naar het stadscentrum autovrij. De eerste twee dagen waren tumultueus. Maar…buurtbewoners begonnen al snel waardering te tonen. Sterker nog, fase twee bestond uit de nachtelijke plaatsing van een heus mobiel pop-up park met bomen op wielen. Mensen kregen iets in de plaats om te omarmen. Deze interventie illustreert gedragsontwerp op zijn best: het verstoren van één taak – van A naar B gaan – en dit vervangen door een veel bevredigendere ervaring – mijn dode straat wordt een levendig park – levert voorstanders op die het voorspelbare negatieve sentiment van de eerste dagen overstijgen. Straten autovrij maken met een pop-up park is nu een gangbare strategie in Nederland.

Zo werkt provotyping. Zo werkt ook gedragsontwerp. En zo geef je mensen een nieuw verhaal om te omarmen en te delen met elkaar.

Wat is de cruciale rol van een langetermijnvisie in het ontwerpproces van openbare ruimtes? Hoe kan toekomstgericht denken bijdragen aan een duurzaam en plezierig leefmilieu voor voetgangers?   Keuzes in de bebouwde omgeving en open ruimte maak je niet om verkiezingen te winnen. Het zijn keuzes die bepalend zijn voor de komende 50, 60 jaar of langer. Daarom is een langetermijnvisie onontbeerlijk. De stad Singapore besliste al in de jaren 60 dat ze geen stad met parkjes wou zijn, maar een stad in een park. Enkel zo zou ze jong talent van over de hele wereld aantrekken om er een gezin te stichten. Enkel zo zou ze de economische tijger van Zuidoost-Azië worden. Vandaag is Singapore – naar eigen zeggen – de meest natuurinclusieve stad ter wereld. Er valt iets voor te zeggen: een week doorbrengen in Singapore is een heel bijzondere ervaring. De visie aan de basis is al meer dan zestig jaar oud.