Caroline Rondelle, Maison de l’Urbanité
Sommigen van ons zullen nooit de reeks gouden medailles vergeten die nieuwkomer Léon Marchand binnenrijfde tijdens de recente Olympische Spelen. Bij anderen zal het beeld van een glunderende Remco Evenepoel voor de Eiffeltoren in het geheugen gegrift blijven. Of misschien blijft het onvergetelijke optreden van zangeres Aya Nakamura – vergezeld van de Republikeinse Wacht voor de Académie Française – bij je nazinderen? De Olympische Spelen laten in ieder geval een sportief en cultureel, maar ook stedenbouwkundig erfgoed na. Het is niet de eerste keer dat een stad van dit grootschalige evenement gebruik maakt om haar ruimtelijke ordening te herzien. Volgt Parijs hier in het voetspoor van illustere voorbeelden als Barcelona (1992) of Londen (2012)?
Om als host voor de Olympische Spelen in aanmerking te komen, moet een stad aan een reeks strikte voorwaarden te voldoen. Die worden door het Internationaal Olympisch Comité uitgestippeld en omvatten onder meer criteria voor de kwaliteit van de sportinfrastructuur, de transportcapaciteit, logementen, en veiligheid en ervaring in het organiseren van internationale evenementen. De stad moet ook bewijzen dat ze een duidelijke steun van de overheid geniet, dat ze financieel gezond is en dat ze zich achter de Olympische waarden – zoals inclusiviteit en duurzaamheid – schaart.
Ook het olympisch erfgoed speelt hier mee: er moeten plannen uitgewerkt worden voor het toekomstige gebruik van de infrastructuur en voorzieningen die voor de Spelen gebouwd worden. Dit criterium maakt voortaan vast deel uit van de kandidaatsdossiers. Het doel hiervan is het ontstaan van white elephants – dure infrastructuur die na het evenement nutteloos achterblijft en handenvol belastinggeld kost – te vermijden.

De selectie van Parijs als gaststad voor de Olympische Spelen 2024 was vooral te danken aan haar stedelijk erfgoedproject. Voor deze editie gold soberheid als motto. De Franse hoofdstad ontwikkelde een duurzame en innovatieve visie en integreerde de Spelen in de lange-termijnontwikkeling van de stad. De nadruk werd gelegd op het gebruik van bestaande locaties, zoals het complex van Roland-Garros, dat gepokt en gemazeld is in het organiseren van internationale wedstrijden. Sommige wedstrijdlocaties kregen een tijdelijke infrastructuur, zoals de prestigieuze tuinen van het kasteel van Versailles voor paardenwedstrijden. Of de Champ-de-Mars, waar een tijdelijk Grand Palais van 10.000 m² in vakwerk werd gebouwd. Nieuwe voorzieningen werden uitsluitend gebouwd op voorwaarde dat ze tegemoetkwamen aan lange-termijnbehoeften, zoals het nieuw olympisch zwembad, dat de Parijzenaars tot dan toe hadden moeten missen.
De Olympische Spelen bieden ook innovatiekansen op het gebied van bouw, materialen en energie. Net zoals bij vorige edities betekenen ze ook een boost voor grootschalige mobiliteitsprojecten, zoals in dit geval de Grand Paris Express. Al deze ingrepen zullen na afloop van de Spelen het gezicht van Parijs blijven bepalen.
Het Barcelona-concept, anno 1992
Wanneer we het over olympisch erfgoed hebben, is het voorbeeld van Barcelona incontournable. Vóór 1992 was de Catalaanse hoofdstad helemaal nog niet de metropool die we vandaag kennen: industriezones en brownfields voerden er toen de boventoon.
De Port Olímpic en haar omringende stranden is zo’n voorbeeld van wat de Olympische Spelen voortbrengen. Wat voorheen een verwaarloosd industriegebied was – zonder toegang tot de zee – transformeerde volledig tot een locatie voor olympische zeilwedstrijden. Vandaag is Port Olímpic een razend populaire jachthaven met een overvloed aan restaurants, bars, discotheken en boetieks. Dat maakte van deze uitgaansbuurt een toeristische hotspot. De nieuwe stranden, zoals Barceloneta, Nova Icaria en Bogatell, zijn ondertussen legendarisch geworden in Barcelona. De ontwikkeling van de kustlijn in dit gebied omvatte ook promenades, fietsboulevards en groenzones met een vrij zicht op de Middellandse Zee.
Ook vandaag blijft de omgeving van Port Olímpic een van de voornaamste toeristische attracties van de stad. Het project wordt vaak genoemd als voorbeeld van een geslaagde stedenbouw, die de behoeften van de stad in een transformatie op lange termijn heeft meegenomen. Er is nochtans een keerzijde aan de medaille. De onleefbare explosie van het toerisme die Barcelona nu meemaakt is misschien niet volledig aan deze transformatie te wijten, maar is er in ieder geval een van de gevolgen van. De make-over van Barcelona heeft geleid tot een spectaculaire stijging van vastgoedprijzen – wat ook een weerslag had op de bouw van sociale woningen. Tussen 1986 en 1992 verlieten 50.000 mensen omwille van deze veranderingen gedwongen de stad.
De Olympische Spelen en gentrificatie
Stadsvernieuwingen zoals die voor de Olympische Spelen kunnen een versneld gentrificatieproces op gang brengen door de aanzienlijke budgetten en middelen die in een specifieke zone gepompt worden. Wat dan weer leidt tot hogere vastgoedprijzen en een snelle transformatie van het stedelijk landschap. Een van de speerpunten in het kandidaatsdossier van Parijs voor de Olympische Spelen 2024 was haar regeneratieplan, in het bijzonder voor de omgeving Seine-Saint-Denis, een van de armste en meest diverse gebieden in Frankrijk. Volgens het plan kreeg de zone nieuwe infrastructuren, woningen en groene ruimten en werden er economische en sociale maatregelen gepland die de buurt erbovenop moeten helpen. Het olympisch dorp, bijvoorbeeld, wordt na de Spelen een gemengde buurt, met onder andere gezins- en studentenwoningen, kinderdagverblijven en winkels. Maar hoewel 25% van het woningenbestand als sociale woningen voorzien is, bestaat de vrees bij de buurtbewoners dat de huurtarieven voor hen niet haalbaar zullen zijn. De vraag is hoe deze uitsluiting van een groot deel van de lokale bevolking kan vermeden worden.
Steden kunnen buitensporige gentrificatie nochtans tegengaan. Zo kunnen het uitstippelen van een beleid voor betaalbaar wonen, de bescherming van huidige bewoners, de steun aan lokale handel en burgerinspraak het risico beperken. Het betrekken van lokale gemeenschappen in het planningsproces is daarbij noodzakelijk: hun noden en verzuchtingen worden dan in de plannen meegenomen.
Parijs lijkt aan de Olympische Spelen 2024 een succesvolle stedenbouwkundige erfenis over te houden – met haar focus op duurzaamheid, het hergebruik van infrastructuur en de ontwikkeling van achtergestelde buurten. Het succes van deze erfenis zal echter vooral afhangen van het beheer ná de spelen, met name het managen van de kosten en van de sociale impact. Om gentrificatie te vermijden, zal de stad een aantal inclusieve en duurzame strategieën moeten ontwikkelen om de sociale en economische diversiteit in de betrokken buurten blijvend te garanderen. Als het daarin slaagt, kan Parijs het model worden voor alle toekomstige hosts van de Olympische Spelen. Wat nu al vaststaat, is dat de Lichtstad zich van haar beste kant heeft getoond aan de hele wereld.










Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.